Het begin

Als een appel die rijpt, even
trilt in de wind en dan valt:
zo mag het gebeuren.

Je vader staat klaar, de armen
open als een mand om in thuis te komen.
Ik, de tak die je bent ontgroeid,

beweeg nog even na, spreid
mijn bladeren voor je uit als nest.
Ik geef je de zaden mee voor later.


In: Het Gezeefde Gedicht | maart 2016

Geen opmerkingen: